Twee jaar geleden begon ik het fietsen van en naar mijn atelier te vervangen door regelmatig het traject te lopen. Minstens anderhalf uur heen en weer anderhalf uur terug, meestal dezelfde route, soms met een omweg. De Ipod met mooie muziek, waarmee ik me tijdens de eerste loopsessies afsloot voor het alom vertegenwoordigde verkeer, liet ik na enige tijd thuis.

Door tijdens het lopen bewuster al mijn zintuigen te gebruiken raakte ik niet alleen sneller mijn beslommeringen kwijt, mijn waarneming werd veel intensiever, mijn tijdsbesef vertraagde en ik raakte veel meer ‘geworteld’ in het landschap. De mij zo vertrouwde polder tussen ’s-Hertogenbosch en Den Dungen werd een levend landschap en mijn reisgenoot.
Dit soort wandelingen ben ik ook gaan maken vanuit het andere ommeland van ‘s-Hertogenbosch. Vanuit de dorpen -of eigenlijk de ingelijfde dorpen- nabij ’s-Hertogenbosch die ik nog niet goed kende.